De Blauwe Kanarie (deel 1)

Afdrukken
Publicatiedatum Geschreven door H. Jansen

 

Laatst kreeg ik van iemand een aantal oude "Onze Vogels" van voor 1966, de man wist dat ik daarnaar op zoek ben. En in één van de vergeelde exemplaren uit 1954 kwam ik een leuk artikel tegen. In april en mei 1954 schreef dhr. P. Wanders over de Blauwe kanarie. Ik vond het wel leuk om het voor u uit te werken en ruim vijftig jaar terug in de tijd te gaan. De tekst is onveranderd weergegeven.

De kweek van zilvertinten (gepigmenteerde vogels met een witte ondergrond) in de kanariekweek, komt steeds meer in de belangstelling der kwekers te staan hetgeen duidelijk blijkt uit de inzendingen op de tentoonstellingen. Op nagenoeg iedere tentoonstelling van belang zijn de zilvertinten vrij goed vertegenwoordigd en nemen daarbij een voorname plaats in, waarbij deze variëteiten vaak de hoogste waardering wegdragen.

Hoewel in het algemeen gesproken bij de kleurenkweek steeds meer gebruik wordt gemaakt van de kennis der erfelijkheidsleer, mede en zeker wel op de voornaamste plaats dank zij het uitstekende standaardwerk "Het Boek voor den Kleurkanariekweker " door Geneticus M. Weiling, komt het toch nog zeer veel voor dat vooral bij de kweek der zilvertinten, door onwetendheid o.a., verkeerde paringen worden verricht als gevolg waarvan de uitkomsten vaak te wensen overlaten.

Voor het juist samenstellen der fokparen dient men bij deze kweek op verschillende eisen te letten die niet zo maar op het eerste gezicht direct zijn waar te nemen. Zo houdt men vaak bijv. geen rekening met:

1. de lethale factor der z.g. Duitse Witte ondergrond bij onze zilver getinte kleuren.

2. de intensieffactor welke eveneens een lethale factor is.

Lethaal noemt men een erfelijkheidsfactor die bij de samensmelting van zaad- en eicel, in beide cellen aanwezig is (die dus zowel door de vader als de moeder werd afgegeven), zodat in de gevormde kiemcel, van deze factor een paar (dus 2 stuks), aanwezig zijn, waarbij deze dubbelfactor dan zodanig storend op de ontwikkeling der kiemcel inwerkt dat deze afsterft. In het gunstigste geval kan in zo'n geval de kiem zich nog ontwikkelen, doch het in het ei gevormde embryo of het pas geboren jong heeft geen levensvatbaarheid en sterft af. De eigenaardigheid van lethale factoren is wel dat bij aanwezigheid van slechts een enkel exemplaar in de kiemcel deze geen schade doet aan het te ontwikkelen individu.

Bij iedere paring van twee intensieve vogels en ook bij iedere paring van twee vogels die de Duits WIT factor bezitten, worden dus de kansen geschapen tot het samenbrengen van 2 lethale en dus dodelijke factoren. Het verlies bedraagt van gemiddeld iedere 4 eieren, 1 afgestorven kiem. Paart men twee ouderdieren die ieder zowel intensief zijn alsook ieder de Duits Wit factor bezitten dan zijn de kansen op afsterven verdubbeld, zodat men dan slechts 2 levende jongen op gemiddeld 4 eieren mag verwachten.

Behalve de hier genoemde dodelijke werking der intensief factor is ook het feit, dat de bevedering van intensieve vogels gefokt uit intensief X intensief steeds dunner wordt, een waarschuwing aan de kweker om deze paringen zoveel mogelijk te vermijden. Na enige geslachten zodanig gepaard te hebben zullen de jongen nagenoeg niet meer in de veren komen, het zijn en blijven zielige stumpertjes.

(Wordt vervolgd)


Henk Jansen

Keurmeester N.B.v.V. - OMJ /COM

 

Edelzanger Facebook Edelzanger YouTube

12-17-17. Vogelvereniging De Edelzanger. Best online poker sites - .